HOME CONTACT SITEMAP FAQ DELTALINK SEARCH 

Veiligheid tegen overstromingen

Dit koploper project is ondergebracht bij Deltares. De AIO's worden wel begeleid door Delft Cluster.
Klik hier voor meer informatie over de AIO's en de behaalde resultaten.

Kennisproducten

Kennisproducten magazine Water, bodem en de stad hoofdstuk Klimaatverandering en milieu

BioGrout

Bacteriën versterken de bodem

Wat is het?
Een grondverbeteringstechniek, om zandlagen in een bodem te versterken met behulp van bacteriën. Het is een in-situ cementatieproces waarbij kalkkristallen de zandkorrels ‘vast kitten’ om zo de stijfheid en sterkte van de bodem te vergroten, met behoudt van de doorlatendheid.

Wat kunnen we er nu mee?
Op pilotschaal een bodem, met minimale verstoring, versterken. Het behoud van de doorlatendheid maakt het mogelijk om de grond over grote afstanden (minimaal 5 m) en herhaaldelijk te kunnen behandelen. Het proces kan uitgevoerd worden tot elke gewenste sterkte (van 200kPa tot >30Mpa) waarbij meer kalk meer sterkte oplevert.

Voor wie is het interessant?
Aannemers, waterschappen, gemeenten.

Meer informatie
wouter.vanderstar@deltares.nl
hans.groot@deltares.nl

BioSealing

Bacteriën herstellen ondergrondse lekkages

Wat is het?
Een biologische methode om de doorlatendheid van de bodem te verminderen. Door de groei van microorganismen te stimuleren worden lekkages in de ondergrond hersteld. Voedingsstoffen worden in de bodem geïnjecteerd en worden met het grondwater meegevoerd naar het lek. Hierdoor is het onnodig om de exacte locatie van het lek te kennen. Het lekdebiet kan met een factor tussen 5 en 20 verlaagd worden, binnen een periode van enkele weken.

Wat kunnen we er nu mee?
Lekkages afdichten in waterremmende constructies en grondlagen (veen en klei).

Voor wie is het interessant?
Dijkbeheerders, waterschappen, gemeenten.

Meer informatie
maaike.blauw@deltares.nl
john.lambert@deltares.nl

Kennisproducten magazine Veiligheid tegen overstromingen hoofdstuk Van slecht weer tot overstroming

Rijke Dijken produceren meer waarde

Waterveiligheid en natuurwaarde gaan hand in hand

Wat is het?
Door aanpassing van materialen en ontwerpen van waterbouwkundige constructies kan op een kosteneffectieve manier worden bijgedragen aan de vergroting van biodiversiteit in de directe omgeving van de constructie, zonder dat dit ten koste gaat van de functionaliteit en veiligheid. De aanleg van poeltjes in de kreukelberm van zeedijken leidt bijvoorbeeld tot een forse verrijking van de flora en fauna. Inmiddels zijn verschillende pilots gerealiseerd door een netwerk van samenwerkende partijen zoals dijkbeheerders, kennisinstituten en aannemers.

Wat kunnen we er nu mee?
De recreatieve functie van de dijkomgeving vergroten. De biodiversiteit van de dijkomgeving vergroten door een geschikte keuze van materialen en aangepast ontwerp.

Voor wie is het interessant?
Waterschappen, Rijkswaterstaat, havenbeheerders.

Meer informatie
mindert.devries@deltares.nl

Regenval interceptie op landoppervlak

Interceptie cruciaal voor hydrologische modellen

Wat is het?
Interceptie -het tijdelijk afvangen van regenwater door bijvoorbeeld bladeren van een boom of de bovenste
laag van de grond en het vervolgens verdampen van dit water -is voor hydrologische berekeningen een
belangrijk proces. Door interceptie komt namlijk een aanzienlijk deel van de neerslag, tot wel veertig procent,
niet in de ondergrond terecht. De interceptieverdamping bedraagt ongeveer 50% van alle verdamping. Om het
effect van neerslag op rivierafvoeren goed te kunnen voorspellen, moet je dit in je model meenemen. In veel bestaande modellen gebeurde dat niet. Dit leidt tot een verkeerde inschatting van de bergingscapaciteit van de bodem. Bereken je dan de afvoer als gevolg van een extreme bui, dan zijn die voorspellingen niet
nauwkeurig.

Wat kunnen we er nu mee?
Voor het vaststellen van de interceptie zijn onder verschillende omstandigheden en in verschillende seizoenen veldmetingen gedaan. Nu zijn de afvoervoorspellingen ten gevolge van een extreme bui veel nauwkeuriger.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, rivierbeheerders en onderzoekers.

Meer informatie
h.h.g.savenije@tudelft.nl

Flexibele modellering (FLEX)
Maatwerk in plaats van confectie

Wat is het?
Een flexibele aanpak voor modelontwikkeling, waarbij het hydrologische model nauwkeurig wordt aangepast aan de eigenschappen van een stroomgebied en verzamelde meetgegevens. De meeste hydrologische modellen zijn als het ware confectiemodellen. Ze kunnen worden toegepast op alle situaties, maar hebben als nadeel dat ze de verschillende processen in een specifiek stroomgebied meestal niet nauwkeurig genoeg kunnen karakteriseren. Door een model stapsgewijs te ontwikkelen, goed te kijken welke procesbeschrijvingen voor een bepaalde situatie relevant zijn en steeds na te gaan of de voorspellingen van een modelvariant overeenkomen met meetgegevens, krijg je een model dat veel nauwkeuriger is.

Wat kunnen we er nu mee?
Bij stroomgebieden met een niet al te grote schaal levert maatwerk aanzienlijk betere voorspellingen op. Zo is beter te voorspellen welk effect extreme neerslag heeft op rivierafvoeren.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, rivierbeheerders, onderzoekers.

Meer informatie
h.h.g.savenije@tudelft.nl

Glasvezelmeettechnologie in beekjes
Glasvezeltechnologie ook geschikt voor detecteren van kwel of piping

Wat is het? 
Een innovatieve meettechniek om de oorsprong van water in beekjes en waterlopen te meten via temperatuursfluctuaties. Het instrument meet nauwkeurige en fijnmazige temperatuursveranderingen middels de reflectie van een laserstraal door een glasvezelkabel.

Wat kunnen we er nu mee? 
Het meetsysteem, een lange glasvezelkabel die iedere twee minuten om de meter de temperatuur meet, is in
eerste instantie gebruikt om in een riviertje te bepalen waar en hoeveel grondwater uit de helling stroomt. Deze kennis was nodig om een nieuw neerslag-afvoermodel te valideren en om te zien hoe berghellingen reageren onder extreme regenval. De meettechniek is ook voor andere doeleinden geschikt. Denk aan het detecteren van kwel of piping en het opsporen van het verkeerde aansluitingen in gescheiden rioolstelsels.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, dijkbeheerders, rioolinspecteurs,onderzoekers.

Meer informatie
n.c.vandegiesen@tudelft.nl

Systeemwerking bij risicoschatting
Naar een nieuwe veiligheidsbenadering

Wat is het?
Een model dat beschrijft welke gevolgen het bezwijken van een dijkvak heeft op andere locaties binnen dezelfde dijkring en op andere dijkringen. Bij het bepalen van de veiligheid tegen overstromingen werd lange tijd gekeken naar de overschrijdingskans per dijkvak. Inmiddels is er een nieuwe benadering waarbij gekeken wordt naar de overstromingskans van een dijkringgebied. Hiervoor wordt momenteel, onder andere binnen het project Veiligheid Nederland in Kaart, de scenariobenadering gebruikt. In de praktijk blijkt deze niet altijd eenvoudig toe te passen.

Wat kunnen we er nu mee?
Het model biedt een alternatief voor de scenariobenadering. Bovendien is met de nieuwe werkwijze een nog geavanceerdere veiligheidsbenadering mogelijk, namelijk het meenemen van het effect, positief dan wel negatief, van de inundatie van een dijkring op de overstromingskans van andere dijkringgebieden.

Voor wie is het interessant?
Waterschappen, dijkbeheerders, gemeenten, Rijkswaterstaat.

Meer informatie
ton.vrouwenvelder@tno.nl
thieu.vanmierlo@deltares.nl

Voorspellingsmodellen gevolgen van overstromingen
Gevolgen overstromingen goed in beeld

Wat is het?
Modellen waarmee de gevolgen van overstromingen zijn te voorspellen en de haalbaarheid kan worden bepaald van gevolgenreducerende maatregelen.

Wat kunnen we er nu mee?
Als een waterkering het begeeft kan een enorme hoeveelheid water het dijkringgebied binnenstromen en veel schade veroorzaken. Met de geavanceerde rekenmodellen kan worden geschat hoe snel en via welke routes het water zich in een gebied verspreidt, wat de maximale waterdieptes worden, hoeveel slachtoffers er kunnen vallen en welke economische, ecologische en landschappelijke schade ontstaat. Daarnaast kunnen de modellen worden gebruikt bij het maken van evacuatieplannen en het beoordelen van maatregelen om de gevolgen te reduceren. De verkregen kennis is eveneens verwerkt in de PAO cursus Veiligheid Nederland in kaart.

Voor wie is het interessant?
Waterschappen, calamiteitenorganisaties, gemeenten, Rijkswaterstaat, verzekeringsmaatschappijen.

Meer informatie
ton.vrouwenvelder@tno.nl
thieu.vanmierlo@deltares.nl

Hybride model voor het operationeel voorspellen van rivierafvoeren
Combineer verschillende typen voorspelmodellen

Wat is het?
Het bestaande model voor operationele voorspellingen van het hydrologische gedrag van het stroomgebied van de Maas werkt niet onder alle hydrologische omstandigheden naar wens. Het model dat nu ontwikkeld is bestaat uit een hydrologisch procesmodel dat is gecombineerd met een zogeheten data driven model. Door deze combinatie kan gebruik worden gemaakt van de beste eigenschappen van elk van deze modellen. Het model is toegepast voor het voorspellen van de afvoeren van de Maas.

Wat kunnen we er nu mee?
Nadat het model grondig is geanalyseerd zijn twee veranderingen doorgevoerd. Voor een aantal deelstroomgebieden zijn de oorspronkelijke modelonderdelen vervangen door Artificial Neural Networks (ANN) die zijn getraind met historische gegevens. Verder is een ‘routeschema’ toegepast dat is gebaseerd op een ANN. Vervolgens is het hybride model geoptimaliseerd. De voorspellingskracht van dit geoptimaliseerde hybride model is groter dan van het bestaande model.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, rivierbeheerders, onderzoekers.

Meer Informatie
d.solomatine@unesco-ihe.org

Snel voorspellen van oceaanwaterhoogten en stormvloeden

Stormvloeden zijn chaotisch en dus voorspelbaar

Wat is het?
Een set instrumenten waarmee stormvloeden een paar uur van tevoren goed zijn te voorspellen. 

Wat kunnen we er nu mee?
Traditioneel worden stormvloeden voorspeld met  hoogwaardige numerieke hydrodynamische modellen, waarbij de voorspelde windkracht, golven en temperatuur belangrijke parameters zijn. Uit analyses van  gegevens van Rijkswaterstaat blijkt echter dat waterhoogten zogeheten chaotische eigenschappen hebben en dus kunnen worden voorspeld met methode die zijn ontwikkeld in het kader van de chaostheorie en niet-lineaire dynamica. Experimenten met dergelijke methoden - aangepast voor Hoek van Holland - laten zien dat de voorspellingen hiermee evengoed en soms zelfs beter zijn dan de voorspellingen van de ‘traditionele‘ modellen.

Voor wie is het interessant?
Rijkswaterstaat, onderzoekers.

Meer Informatie
d.solomatine@unesco-ihe.org

Kennisproducten magazine Veiligheid tegen overstromingen hoofdstuk Veilige dijken

Dijkanalyse module
Snel inzicht in de actuele sterkte van een waterkering

Wat is het?
Een beslissingsondersteunend instrument dat informatie geeft over de sterkte van een dijk bij een
rivierwaterstand.

Wat kunnen we er nu mee?
De Dijksterkte Analyse Module geeft met gekleurde cirkels op een digitale topografische kaart de kans op bezwijken van dijkvakken aan, zowel bij de actuele waterstand als bij de verwachte piekwaterstand. Bij elke cirkel is aangegeven welke noodmaatregelen kunnen worden getroffen. Denk aan het tijdelijk verhogen van de kruin, het opvoeren van slootpeilen en het afdekken van zandvoerende wellen. Ook geeft de module aan met welke frequentie het betreffende stuk dijk moet worden geïnspecteerd. Klikt een gebruiker op een cirkel, dan krijgt hij de achterliggende informatie te zien, zoals dwarsprofielen, grondgegevens en de uitgangspunten voor de gemaakte berekeningen.

Voor wie is het interessant?
Rijkswaterstaat, waterschappen, calamiteitenorganisaties, gemeenten, provincies.

Meer informatie
han.knoeff@deltares.nl

Beslissingsondersteunend model multifunctionele rivierfronten
Multifunctionele rivierfronten: twee vliegen in één klap

Wat is het?
Een besluitvormingsondersteunend instrument waarmee stedenbouwkundigen en dijkbeheerders de gevolgen van keuzen inzichtelijk kunnen maken.

Wat kunnen we er nu mee?
Bij plannen voor bouwprojecten aan waterfronten doen zich vaak problemen voor. De dijkbeheerder wil meestal geen extra objecten in of op de waterkering hebben, terwijl stedenbouwkundigen en projectontwikkelaars juist heel graag direct aan het water willen bouwen. Het besluitvormingsondersteunende instrument helpt stedenbouwkundigen en dijkbeheerders de gevolgen van hun keuzen inzichtelijk te maken. Dat biedt openingen voor oplossingen waarbij waterkering en andere functies worden gecombineerd in multifunctionele waterfronten.

Voor wie is het interessant?
Gemeenten, waterschappen, projectontwikkelaars, provincies.

Meer informatie
b.stalenberg@tudelft.nl

Innovatieve methode voor bepaling sterkte ondergrond

Snel en goedkoop de grondsterkte bepalen

Wat is het?
Tot nu toe moet de sterkte van de grond in het laboratorium worden vastgesteld. Hiervoor moeten grondmonsters uitvoerig worden beproefd, wat kostbaar en tijdrovend is. Door gebruik te maken van speciale
sondeerkoppen kan nu ook ter plekke in het veld de sterkte worden bepaald. Bijkomend voordeel is dat de kosten ongeveer de helft lager zijn. Er ligt nu een conceptrichtlijn voor deze goedkopere methode.

Wat kunnen we er nu mee?
Binnen het programma Sterke & Belastingen Waterkeringen van Rijkswaterstaat wordt de veiligheidsfactor bepaald en zal de definitieve richtlijn worden uitgewerkt.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, waterschappen, RWS, sondeerbedrijven.

Meer informatie
cor.zwanenburg@deltares.nl

Modelvorming verweking kleiafdekking zeedijken

Verweking kleiafdekking riskant voor binnentalud zeedijken

Wat is het?
Een model dat beschrijft hoe verweking van kleiafdekking door golfoverslag kan leiden tot versnelde aantasting van het binnentalud van zeedijken.

Wat kunnen we er nu mee?
Bij veel golfoverslag raakt het dijklichaam van een zeedijk verzadigd en kan de kleiafdekking verweken. Dat blijkt uit centrifugeproeven die zijn gedaan. Via aanwezige kanalen in het dijklichaam, zoals konijnen- en muizenholen kan dan water onder het kleidek stromen dat bij de teen weer naar buiten treedt. Hierdoor kan de kleiafdekking beschadigen met als gevolg dat de zandkern bloot komt te liggen. Is dat eenmaal het geval dan gaat de aantasting van het binnentalud veel sneller. Bij besluitvorming over het toestaan van een zekere mate van golfoverslag kunnen dijkbeheerders de kwaliteit en sterkte van de kleiafdekking nu ook meenemen.

Voor wie is het interessant?
Rijkswaterstaat, beheerders van zeedijken.

Meer informatie
andre.vanhoven@deltares.nl

Modelvorming piping

Piping beter in beeld

Wat is het?
Een model dat de verschillende processen beschrijft die optreden bij het faalmechanisme ‘piping’. Dat piping één van de mechanismen is waardoor een waterkering kan bezwijken is al heel lang bekend. Niet bekend is via welke processen piping ontstaat. Bij experimenten in kleine proefopstellingen is geconstateerd dat in zand met een losse pakking de eerste kanaaltjes en het eerste zandtransport aan de ‘rivierzijde’ optreden. Dat is in tegenspraak met de gangbare theorie die ervan uitging dat het zandtransport juist aan de ‘polderzijde’ begint.

Wat kunnen we er nu mee?
Binnen het IJkdijkproject wordt de nieuwe kennis over piping meegenomen bij het opzetten van de grootschalige pipingproef. In deze proef worden de bestaande toetsingsregels gevalideerd en onzekerheden (mogelijk) verkleind of geëlimineerd. De IJkdijk wil onderzoeken of er een monitoringssysteem voor
piping kan worden opgesteld.

Voor wie is het interessant?
Waterschappen, RWS, onderzoekers.

Meer informatie
andre.koelewijn@deltares.nl

Natuur inzetten voor veilige dijken
De natuur bouwt mee aan waterveiligheid

Wat is het?
Maatregelen waarbij bijvoorbeeld beplanting doelgericht wordt ingezet om de waterveiligheid te vergroten.

Wat kunnen we er nu mee?
Door gebruik te maken van natuurlijke componenten in de waterbouw zijn veiliger dijken mogelijk, terwijl tegelijkertijd de natuur-en belevingswaarde toeneemt. In het project Noordwaard, dat onderdeel uitmaakt van het programma Ruimte voor de Rivier, wordt de vooroever van een dijk rond een fort bijvoorbeeld beplant met wilgenstruiken. Deze vegetatie heeft een dempende werking op golven, waardoor de dijk ruim een meter lager kan worden gemaakt zonder dat dit ten koste gaat van de veiligheid. De casus Noordwaard is opgenomen in de PAO cursus Ruimte voor de Rivier.

Voor wie is het interessant?
Waterschappen, Rijkswaterstaat, NGO’s zoals Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten.

Meer informatie
mindert.devries@deltares.nl

Dijkpatrouille
Vergroot ´gamend´ je deskundigheid

Wat is het?
Een trainingssimulator voor dijkwachten. Dijkwachten inspecteren dijken als deze worden bedreigd door extreme omstandigheden zoals een hoge rivierwaterstand. Doel is dat zij dan tijdig schadebeelden herkennen die een voorbode zijn van het falen van de waterkering. Aangezien deze schadebeelden niet zichtbaar zijn onder normale omstandigheden was het tot voor kort lastig om dijkwachten te trainen in het herkennen hiervan. Met de trainingssimulator kan dat nu wel.

Wat kunnen we er nu mee?
Dijkwachten krijgen de opdracht om zelfstandig een paar kilometer gesimuleerde dijk te inspecteren onder extreme omstandigheden in een zeer realistische weergave van het Nederlandse dijkenlandschap. De dijkwacht voert het hele inspectieproces uit en krijgt feedback van het programma over de gemaakte keuzes.

Voor wie is het interessant?
Waterschappen.

Meer informatie
rens.vandenbergh@deltares.nl

SLIQ2D Rekenmodel voor stabiliteit van taluds met losgepakte zandlagen
Veiligheid (voor)oevers bij losgepakt zand garanderen

Wat is het?
Computermodel waarmee voor locaties met losgepakte zandlagen - die gevoelig zijn voor verwekingsvloeiing - de stabiliteit van een onderwatertalud kan worden berekend.

Wat kunnen we er nu mee?
Met het rekenmodel SLIQ2D kan op een meer geavanceerde wijze vastgesteld worden of een talud gevoelig is voor verwekingsvloeiing. Het computermodel kan op een gewone PC worden gebruikt. De toepassing van het model vraagt wel hoogwaardige expertise en specifieke grondonderzoek resultaten. 

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, zandwinners/baggeraars en vergunningverleners.

Meer informatie
geeralt.vandenham@deltares.nl
michiel.vanderruyt@deltares.nl

HMBreach Rekenmodel voor stabiliteit van zandige onderwatertaluds

Veiligheid oevers bij baggeren garanderen

Wat is het?
Computermodel waarmee op basis van grondonderzoek voor winzuiglocaties het ontwerp van een stabiel onderwatertalud kan worden berekend. Uitgangspunt hierbij is dat het talud wordt gevormd door erosie- en bresprocessen (breaching).

Wat kunnen we er nu mee?
In de CUR Aanbeveling 113 zijn algemene richtlijnen gegeven om de oeverstabiliteit bij zandwinputten te garanderen. Met het rekenmodel HMBreach kan op een meer geavanceerde wijze het bresproces worden onderzocht en het talud worden ontworpen. Het computermodel kan op een gewone PC worden gebruikt. De toepassing vraagt wel de nodige expertise.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, zandwinbedrijven, baggeraars, vergunningverleners.

Meer informatie
dick.mastbergen@deltares.nl
geeralt.vandenham@deltares.nl

Kennisproducten magazine Veiligheid tegen overstromingen hoofdstuk Riviergedrag

Morfologisch model van de Rijntakken
Morfologische effecten Ruimte voor de Rivier scherp in beeld

Wat is het?
Een tweedimensionaal morfologisch model van de Nederlandse Rijntakken op basis van het computer-programma Delft3D.

Wat kunnen we er nu mee?
In het kader van het programma Ruimte voor de Rivier worden ongeveer veertig projecten uitgevoerd. Bij deze projecten moeten de gevolgen van de rivierverruimende maatregelen op de scheepsvaart en toekomstig onderhoud en beheer worden aangetoond. Verzandt de vaargeul niet en leiden de maatregelen niet tot extra onderhoud? Om te zorgen dat de betrokken ingenieursbureaus dit soort vragen kunnen beantwoorden is het tweedimensionale morfologische model van de Rijntakken voor marktpartijen ontwikkeld. 

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, initiatiefnemers rivierverruimende maatregelen, Rijkswaterstaat.

Meer informatie
mohamed.yossef@deltares.nl

PAO cursus Ruimte voor de Rivier
Meer inzicht in rivierverruimende maatregelen

Wat is het?
Een vierdaagse cursus voor partijen die betrokken zijn bij de voorbereiding, uitvoering en het beheer van Ruimte voor de Riviermaatregelen.

Wat kunnen we er nu mee?
Het programma Ruimte voor de Rivier bestaat uit een breed pakket aan maatregelen, waarbij vaak verschillende belangen moeten worden verenigd. Hoogwater- en natuurdoelstellingen kunnen bijvoorbeeld conflicteren met scheepvaartdoelstellingen en doelstellingen op het gebied van onderhoud en beheer. Dat vereist onder meer dat alle betrokkenen globaal inzicht hebben in de dynamiek van riviersystemen en begrijpen dat iedere ingreep effect heeft op de hydraulica en morfologie. Naast kennisoverdracht is de cursus erop gericht dat deelnemers in staat zijn de verschillende problematieken te herkennen en bijvoorbeeld weten wanneer zij de hulp van deskundigen moeten inroepen.

Voor wie is het interessant?
Gemeenten, provincies, waterschappen, Rijkswaterstaat, ingenieursbureaus, landschapsarchitecten, aannemers, baggeraars.

Meer informatie
hendrik.havinga@rws.nl

Sedimentatiedynamiek in beeld
Op weg naar sedimentatiemanagement

Wat is het?
Een model dat beschrijft hoe in drie perioden -de periode met vrij meanderende rivieren, de periode van bedijking van de rivieren en de periode waarin het stroombed wordt gefixeerd met kribben - het proces van sedimentatie en erosie verliep.

Wat kunnen we er nu mee?
De komende decennia staan allerlei maatregelen in het winterbed van rivieren op het programma. Door inzicht in de sedimentatiedynamiek in het verleden is het mogelijk om de effecten van dit soort maatregelen, zoals klei- en zandwinning of het graven van nevengeulen, nauwkeurig te bepalen en te komen tot richtlijnen voor sedimentatiemanagement. Waar kunnen met weinig schadelijke gevolgen grondstoffen worden gewonnen en hoe kun je bijvoorbeeld ruimte geven aan vegetatieontwikkeling?

Voor wie is het interessant?
Rivierbeheerders, partijen betrokken bij Ruimte voor de Rivier.

Meer informatie
h.middelkoop@geog.uu.nl


Oude grondlagen
Kan het erger dan in 1953?

Wat is het?
Een methode om aan de hand van oude afzettingen, het zogeheten geologische archief, waterhoogten in het verleden te reconstrueren. In de zeereep bij Heemskerk is bijvoorbeeld een schelpenlaag ontdekt die in 1775 is afgezet tijdens een stormvloed, die met een peil van 4,7 meter boven NAP veel extremer was dan die van 1953.

Wat kunnen we er nu mee?
De waterhoogtes langs de Nederlandse kust worden op sommige plaatsen al ruim 100 jaar geregistreerd. Aan de hand van deze meetreeks worden waterstanden met een overschrijdingskans van ééns in de 10.000 jaar berekend. Het geologische archief biedt de mogelijkheid om de 100-jarige meetreeks te verlengen en daarmee de betrouwbaarheid van interpolaties naar een overschrijdingskans van eens in de 10.000 jaar te verbeteren. Ook kunnen door koppeling van veldgegevens en historische gegevens numerieke modellen worden gevoed. Deze modellen geven inzicht in de processen en parameters die een rol spelen bij stormvloeden. Zo kan worden gekeken naar de invloed van zeereepmorfologie (de huidige gesloten zeereep versus een duinenrij met uitblazings-of andere laagtes), nearshore bathymetrie en de vorm van achterliggende duinen.

Voor wie is het interessant?
Ingenieursbureaus, kustbeheerders, onderzoekers.

Meer informatie
sytze.vanheteren@deltares.nl

Detailmodel onderwaterduinen in rivieren

Beter begrip van onderwaterduinvorming

Wat is het?
Een model dat in groot detail de fysische processen beschrijft die leiden tot de vorming van duinen en ribbels op de rivierbodem.

Wat kunnen we er nu mee?
De grootte van ribbels en duinen op de rivierbodem is van invloed op de afvoercapaciteit van rivieren. Met het nieuwe model kunnen we voorspellen wat er op de bodem van een rivier gebeurt en welke processen tot duinvorming leiden. Deze informatie is nodig om bijvoorbeeld de maatgevende hoogwaterstanden te kunnen berekenen bij een gegeven maatgevende rivierafvoergolf.

Voor wie is het interessant?
Rijkswaterstaat, onderzoekers.

Meer informatie
erik.mosselman@deltares.nl

CUR-Aanbeveling 113, Oeverstabiliteit bij zandwinputten
Veiligheid oevers bij zandwinning garanderen

Wat is het?
Richtlijnen voor het ontwerp van onderwatertaluds bij zandwinning en de verlening van ontgrondingsvergunningen. Bevat ook Onderbouwend rapport en Blik op de Toekomst.

Wat kunnen we er nu mee?
In de CUR-Aanbeveling 113 zijn algemene richtlijnen gegeven om de oeverstabiliteit bij zandwinputten te garanderen.

Voor wie is het interessant?
Zandwinbedrijven, vergunningverleners en ingenieursbureaus.

Meer informatie
joop.koenis@curbouweninfra.nl
secretariaat@curbouweninfra.nl

Morfologische Driehoek
Gezamenlijke aanpak leidt tot hoogwaardiger kennis riviermorfologie

Wat is het?
Een samenwerkingsverband tussen Nederlandse onderzoekinstituten en de Waterdienst op het vakgebied van riviermorfologie.

Wat kunnen we er nu mee?
Door goede afstemming van onderzoek, samenwerking binnen projecten en een gezamenlijke definitie van nieuw onderzoek krijgt de Nederlandse kennis van riviermorfologie een enorme impuls. De Morfologische Driehoek is in 2001 opgericht vanuit de samenwerking binnen Delft Cluster.

Voor wie is het interessant?
Rijkswaterstaat, ingenieursbureaus, kennisinstituten, universiteiten.

Meer informatie
erik.mosselman@deltares.nl